Hiërarchie, leiderschap en micro-politiek. 3. Sociale status is een drug

69955875_364481157761444_69830494581161984_n
("The vapour of melancholy", Apichatpong Weerasethakul 
at the Venice Art Biennale 2019)

Elke groep doet aan micro-politiek. Wie heeft het meeste invloed? Hoe worden de voordelen van invloed verdeeld? Hoe worden onvrede en frustratie over de onderlinge verhoudingen opgelost? Zeker in organisaties die de teugels van hiërarchie vieren zijn deze vragen schering en inslag. In 8 afleveringen laten we ons licht schijnen over hiërarchie in groepen: waarvoor is het nodig en hoe hou je hiërarchie gezond?

3. Sociale status is een drug

Dé drijfveer om hoger in de hiërarchie te komen is niet alleen groeps-, maar ook persoonlijk belang. Hoger in de pikorde staan komt met veel voordelen: meer welzijn, minder stress, meer levensvoldoening, meer erkenning, prestige, autonomie, daadkracht[i]. Mensen met macht ervaren minder beperkingen en meer vrijheid en zijn daardoor ook beter in staat om hun gedrag te reguleren en gevoelens te controleren. Ze zijn zich bewuster van de doelstellingen en passen zich gemakkelijker aan aan veranderende omstandigheden. Ze verwerken informatie doelgerichter, zien meer het bos door de bomen, filteren gemakkelijker irrelevante informatie, zijn gemakkelijker creatief en denken onafhankelijker. Ze zien gemakkelijker opportuniteiten en winst, en zijn minder geremd om risico te nemen[ii]. Met andere woorden: status en macht zijn een verslavende drug. Ze geven ons een boost. Onze biologie zorgt ervoor dat ons vermogen om verantwoordelijkheid te dragen voor de groep versterkt wordt door die verantwoordelijkheid te krijgen of te nemen.

Laag in de hiërarchie is het omgekeerd. Zonder macht of status voelen we ons als groepslid minder erkend, gewaardeerd of competent. We zijn meer geneigd om te zwijgen, hebben gemakkelijker schrik, maken ons meer ongerust, zijn reactiever eerder dan proactief. Onderaan de hiërarchie letten we op onze tellen, kijken we vooral naar mogelijk verlies. We worden ook gemakkelijker afgeleid door details en houden automatisch ook rekening met de opinies van iedereen boven ons. We zijn ook behulpzamer voor mensen met meer macht of status dan andere mensen. We zijn geneigd om ons te conformeren met mensen met macht, zelfs emotioneel[iii]. Kortom, we verliezen onze vermogens om voor de groep verantwoordelijkheid te dragen als we weinig macht of status hebben. “Those who have power see the big picture, initiate, and lead, whereas those who lack power attend to details, conform and follow.”[iv]

Naast psychologische en gedragsmatige zijn er ook de materiële voordelen voor mensen met meer macht en/of status. Samen verklaren ze de verleidingskracht ervan. Eenmaal we een gunstige positie bereikt hebben in de groep doen we er alles aan om die positie te behouden. Het verklaart waarom managers en ook experten tot heel veel bereid zijn, behalve het vrijwillig opgeven van hun plaats in de rangorde[v]. De voordelen verklaren ook hoe mensen met macht en/of status gaandeweg gedrag kunnen ontwikkelen die de groep schaadt. Hun zelfvertrouwen kan uitmonden in zelfoverschatting. Hun abstract denken kan leiden tot gebrek aan realiteitszin. Hun lagere empathie kan leiden tot instrumenteel denken over mensen. Hun proactiviteit kan leiden tot roekeloosheid. En zelfbescherming kan in de weg komen te staan van groepsbelang[vi]. De psychologie van macht en status versterkt met andere woorden niet alleen het leidinggevend vermogen van hoger geplaatsten, maar ondermijnt het gaandeweg ook. Eenmaal aan de top erodeert wat mensen naar de top gebracht heeft:  empathie, inzet, vrijwilligheid, competentie.

Wordt vervolgd: We kiezen niet zomaar de juiste leiders.

[i] Greer, L., Van Bunderen, L. & Yu, S. (2017). The dysfunctions of power in teams: A review and emergent conflict perspective. Research in Organizational Behavior: An Annual Series of Analytical Essays and Critical Reviews, Vol 37. B. M. Staw and A. P. Brief. 37: 103-124

[ii] O.a. Greer et al., (2017), Anderson & Brown (2010), Halevy, N., et al. (2011), Bunderson, J. & Reagans, R. (2011)

[iii] O.a. Greer et al., (2017), Anderson & Brown (2010), Halevy, N., et al. (2011), Bunderson, J. & Reagans, R. (2011)

[iv] van Vugt (2006), in Halevy et al. (2011), p. 36.

[v] Onder andere:

  • Marr, J. C. and S. Thau (2014). “Falling from great (and not-so-great) heights: how initial status position influences performance after status loss. .” Academy of Management Journal 57(1): 223-248.
  • Scheepers, D., N. Ellemers and N. Sintemaartensdijk (2009). “Suffering from the possibility of status loss: Physiological responses to social identity threat in high status groups.” European Journal of Social Psychology 39(6): 1075-1092.

Geef een reactie

Vul je gegevens in of klik op een icoon om in te loggen.

WordPress.com logo

Je reageert onder je WordPress.com account. Log uit /  Bijwerken )

Google photo

Je reageert onder je Google account. Log uit /  Bijwerken )

Twitter-afbeelding

Je reageert onder je Twitter account. Log uit /  Bijwerken )

Facebook foto

Je reageert onder je Facebook account. Log uit /  Bijwerken )

Verbinden met %s